Welke functies zijn er bij de brandweer?

Terug naar:   Verder naar:
Hoe word je brandweerman/-vrouw?
Naar begin Welke spullen gebruikt de brandweer?

  
Nadat je eenmaal een aantal jaar manschap A bent is er de mogelijkheid om door te leren voor andere functies binnen de brandweer. Dit is afhankelijk van de behoefte van jouw korps en de specialismen die jouw korps heeft. Hieronder vindt je een aantal functies:

Chauffeur

De chauffeur zorgt dat het voertuig op de plaats van het incident komt. Soms mag de chauffeur daarbij gebruik maken van zwaailicht en sirene. Het brandweervoertuig is dan een zogenaamd voorrangsvoertuig zodat het zo snel mogelijk op de plaats van het incident kan komen. Dit betekent dat de chauffeur bijvoorbeeld door een rood stoplicht mag rijden. Dit moet hij wel heel voorzichtig en met grote oplettendheid doen, hij mag immers geen andere weggebruikers in gevaar brengen.

Om chauffeur te worden moet je ten eerste over het goede rijbewijs beschikken. Vaak betekent dit dat je eerst je vrachtwagenrijbewijs gaat halen. Daarna volgt de opleiding tot brandweerchauffeur waarin je leert hoe je je moet gedragen als voorrangsvoertuig. Tot slot volg je de opleiding pompbediende. Zodra de tankautospuit namelijk ter plaatse komt, is de chauffeur degene die de bluspomp bedient.

 

 


Duiker


BrandweerduikerBrandweerduiker wordt je niet zomaar. Duiker wordt gezien als één van de zwaarste functies bij de brandweer. Het duiken bij de brandweer is niet te vergelijken met duiken bij een tropisch eiland. De duiker moet vaak duiken in sloten, rivieren en meren waar onder water geen zicht is. Daarnaast kan de duiker 24 uur per dag, 7 dagen per week opgeroepen worden om te duiken, ook als het vriest, regent of sneeuwt.

Voordat je duiker wordt, wordt je eerst psychisch gekeurd. Daarnaast onderga je ook een extra uitgebreide medische keuring. Tot slot mag je in het zwembad laten zien dat je al extra goed kunt zwemmen. De opleiding tot brandweerduiker vindt plaas in het klaslokaal, in het zwembad, in speciale duiktorens en gewoon buiten in sloten, rivieren en meren.

 



Gaspakdrager brandweer

Gaspakdrager


Als er een ongeval gebeurt is waarbij gevaarlijke stoffen vrijkomen zoals een giftig gas, dan worden gaspakdragers ingezet. Het gaspak beschermt de brandweerman/-vrouw tegen het giftige gas, zodat hij/zij vervolgens het lek kan dichten.

 

 

 




Bevelvoerder

 

Schouderstuk bevelvoerder

De bevelvoerder is de "baas" van de tankautospuit. De bevelvoerder bepaalt wie wat doet tijdens een incident. Hiervoor heeft de bevelvoerder contact met de meldkamer en overlegt hij ter plaatse met getuigen en andere hulpdiensten. Bevelvoerder wordt je niet zomaar. De opleiding tot bevelvoerder duurt 2 jaar bij een avondopleiding en ruim 1 jaar bij een dagopleiding.

Officier van Dienst (OVD)

Schouderstuk OVD

Zodra het incident groter wordt en er komen 2 tankautospuiten ter plaatse, dan wordt er een zogenaamde officier van dienst (OVD) opgeroepen. De OVD heeft dan de leiding over het incident en is de "baas" over meerdere bevelvoerders. De opleiding tot OVD wordt verzorgt door het IFV en duurt 9 maanden. Een OVD is vaak iemand die in vaste dienst bij de veiligheidsregio (brandweer) werkt en de taak als OVD erbij doet.

 

Hoofdofficier van Dienst (HOVD)

Schouderstuk HOVD

Bij nog grotere incidenten wordt er een hoofdofficier van dienst opgeroepen. De opleiding tot HOVD wordt ook verzorgd door het IFV en duurt 8 maanden.




Terug naar:   Verder naar:
Hoe wordt je brandweerman/-vrouw?
Naar begin Welke spullen gebruikt de brandweer?

  

Powered by Lightspeed
- Theme by InStijl Media
Door het gebruiken van onze website, ga je akkoord met het gebruik van cookies om onze website te verbeteren. Dit bericht verbergen Meer over cookies »